Pagina's

ALS JE DE DUIVEL WILT BESTRIJDEN, MOET JE ZIJN BOEKEN LEZEN

danny.bloemenhof@gmail.com
Posts tonen met het label Ria Scarphout. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Ria Scarphout. Alle posts tonen

zaterdag 21 februari 2009

Bertien Buyl

Dat is nu iets wat me plezier doet. Vandaag heb ik een beetje rondgesnuffeld om gegevens te vinden over een aantal Vlaamse auteurs, en kwam als bij toeval bij Jan Vercammen terecht. En verdorie, met enigzins rode schaam op mijn kaken stelde ik vast dat Ria Scarphout de Jan in kwestie uit Potdommetje binnenskamers Vercammen noemde. De wereld is klein, deze jongen moet nog veel leren.

Net zoveel plezier beleef ik aan het feit dat Louis Jacobs zijn lijst van biografieën uitgebreid heeft met Bertien Buyl. Zodat deze vriendin van Ria nu ook haar rechten krijgt in vlaams-literaire kringen. Alleen zou ik graag ook weten wanneer Ria overleden is, ergens in december 2008, heb ik begrepen, maar het moet zowat rond de 14de geweest zijn. Zekerheid heb ik niet, maar ik zou het toch op prijs stellen dat te mogen weten.

Nog een andere ontdekking is de figuur van Jan De Belder. Dichter, en echtgenoot van Line Lambert.

Dat allemaal om te zeggen dat een oude verzuchting van mij meer en meer om vervulling smeekt: mijn geheugenschijf raakt vol, of werkt trager dan enige jaren geleden, en er moeten dus hulpmiddelen gevonden worden om een naam te binden aan de boeken en tijdschriften waar ik ze gevonden heb. Een huzarenwerk, dat ik graag in een Wiki-omgeving zou willen realiseren. Dat betekent samenwerking met zovele naamloze medewerkers, maar ook oncontroleerbare gegevens, die echter door de sociale controle van het systeem op de lange duur wel aanleiding geven tot een globaal betrouwbare gegevensbank.

Toch veel dank aan mijn vriend Louis, en ook aan mijn vriend Dominiek, beide voor hun kwaliteiten die ze wel kennen.

woensdag 4 februari 2009

Het proefballonnetje

Vandaag heb ik toch weer een ontdekking gedaan. Een ontdekking die geen potten zal breken, maar die toch mooi is, omdat je er de verlangens van de auteur in wording in terugvindt.

Het boekje heet Verteld, of zo," met als bijtitel: "schrijvers schrijven". En de schrijver in kwestie heeft er zijn naam niet in vermeld. Maar ik ken hem wel. Want in dit exemplaartje steekt er een brief, waarin hij aan iemand vraagt zijn werkstuk te onderzoeken, en om er een ongezouten mening over te geven. Ik respecteer zijn anonimiteit.

Mooi is dat de ontvanger in rode inkt zijn (voor)naam gezet heeft, en in drukletters een beetje lager het woord "Proefballonnetje". Binnenin zijn er een aantal correcties ingeschreven: de interpunctie aangepast, sommige woorden geschrapt of vervangen of de bladspiegel verbeterd door verschuivingen.

Ook de verklaring dat niets uit deze uitgave mag verveelvoudigd of openbaar gemaakt worden door allerhande middelen is niet de klassieke. Ik wil ze u dan ook niet onthouden.

Copyright: geen.

Het zou een te grote eer zijn voor de 'verteller, of zo' indien alles van deze uitgave zou worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotocopie, microfilm of welke andere wijze ook, zonder voorafgaandelijke toestemming van de 'verteller, of zo'.

Wettelijk depot: geen.

Een zeer verzorgd boekje, dat helaas nog een beetje aan lay-out- en voorbladzorg nood heeft, maar dat weet de auteur dus zelf ook. Doel is een groep mensen die aan een bepaalde ziekte lijden, een morele en financiële riem onder het hart te steken. Niets anders. Pretentieloze leesbladzijden, het woord literatuur ontkent de auteur zelf. Eerlijk, mooi, hartverwarmend naief, en dus oergoed want echt. Dit boekje komt naast Potdommetje van Ria Scarphout te staan.

Een verkapte hagiografie werd door Kardinaal Suenens geschreven over "Koning Boudewijn, Het getuigenis van een Leven". Uitgegeven bij Lannoo Tielt, door FIAT: Fraternity International Apostolic Team. Een beetje oubollige stijl, gehanteerd door een oubollig man, die op het ogenblik dat hij dit schreeft, reeds negentig jaar was. Het is hem vergeven. De visie en de getuigenis zijn van veel groter belang. En Zuster Marie à Cruce, die dit boekje aangeboden kreeg, zal er zeker haar hart aan hebben kunnen ophalen. En daar dient een boek toch voor: er iets uithalen.

Hier nog een versie van De Avonturen van Don Quichote, door Miguel De Cervantes Saavedra. Helaas nergens ook maar de minste aanduiding van een jaartal, een wettelijk depot of was dan ook, dat de leeftijd van dit werk verraad. Goed verzorgd, met slechts een scheur in het laatste blad, en vooraan een stempel die je leert dat het werd Aangeboden door Milac-Brakel. Slechts weinige soldatenhanden hebben hun geassorteerde ogen dit werk aangeboden ter lektuur. Spijtig, maar begrijpelijk. Je moet een echte literatuurfanaat zijn om op 18 jarige leeftijd dit werk gedurende één dienstplicht te doorworstelen, en geen van alle zuip- en andere orgieën en andere soldateske bezigheden te missen. Milac moest beter geweten hebben.

Jean van der Aa heeft met Niets dan goeds, Grafschriften en andere nonsensgedichten gedaan wat zijn hart hem voorschreef: nonsens tot een glimlachverwekkende verzameling kneden. Ik vind het alleszins heerlijk, het doet me terugdenken aan een les Nederlandse literatuur tijdens mijn derde jaar humaniora, waar we het verschijnsel 'Grafschriften' (epitafen !) in extenso bestudeerd hebben. En dat is me vooral bijgebleven omdat de leraar voortdurend hikkend van het lachen weer een nieuwe 'goeie' debiteerde. Hier rust Hilarion Thans. Altans...

In 1984 mocht dit niemendalletje bij de Novella-uitgeverij te Amersvoort op de makrt gegooid, opgeraapt worden voor twee en een halve Florijn. Vandaag iets goedkoper.

En tenslotte heb ik er nog ééntje voor de lijst "absoluut te lezen": Parsival, de geschiedenis van de graal door Chrestien de Troyes, een Phoenix-Pocket van Standaard Boekhandel. Het werk is weliswaar niet in de klassieke versvorm, maar door Sandkühler in modern proza omgezet. Leest misschien gemakkelijk. We zien wel.

woensdag 21 januari 2009

Remco Campert

Met zijn Dagboek van een poes heeft Remco Campert getracht het leven van een doorsnee poes te tekenen. Net wat ik een aantal jaren geleden ook eens gedaan heb, toen wij thuis nog katten hielden, en er af en toe een echt markant beest door de tuin en het huis sloop. Koppie, heette ze, en ze staat nog op een foto op de huwelijksdag van mijn oudste zus.

Koppie is voor mij altijd het prototype van de huiskat geweest en gebleven. Een kat wordt automatisch vergeleken met haar, net zoals ons huidig hondje onvermijdelijk vergeleken wordt met het plotseling bij ons aanbelande pinchertje, die uitgehongerd in de berm lag, niet meer wetende waarheen, en mensenschuw door ervaring in het zwerven.

Piko is dus niet Jacky, net zomin als om het even welke kat ooit Koppie zou kunnen zijn.

Campert is ook Ria Scarphout niet. Hij beschijft koel, met enige humor en poëzie het dagdagelijkse leven van een poes die haar eigen gang blijft gaan, ondanks de ingrepen en pogingen tot invloed van de staartlozen. Net zoals ik het toen gedaan heb, eigenlijk een beetje van hetzelfde. En helaas even inhoudsloos. Gelukkig heb ik geen naam, maar hij heet Remco Campert, en hij hoeft er, voor dit werkje altans, niet fier op te zijn.

Ria Scarphout heeft met Potdommetje evenmin grote literatuur geschreven. Maar vergelijken is hier niet mogelijk. Zij schreef een boekje om pijn voor het verlies te verwerken, en die pijn kan een ander toch altijd maar fragmentarisch beleven, begrijpen. Empathie is begrensd. Maar Ria scarphout heeft altans dit voor op Campert: zij heeft een originele vorm gecreëerd. Het is ook een soort dagboek, maar dan zonder voortschrijdende dagen. En het is een halfdialoog tussen haar echtgenoot en haarzelf. "Jan zegt:", en Ria geeft er haar antwoord of commentaar op. Soms maar enkele woorden , soms een ganse bladzijde.

Beide boekjes zijn anders, niet vergelijkbaar, en het zou niet mooi van me zijn op basis daarvan toch een oordeel uit te spreken. Het is beter te leven met de vaststelling dat ik meer van de gevoeligheden van Ria houd, dan van de verhalende beschrijvingen uit het leven van de eenzelvige kat onder de katten van Remco.

Het is wel mooi hoe ik aan dat boekje gekomen ben. Op de website van dDe Bezige Bij kan je meedoen aan een maandelijkse wedstrijd. Ik heb daar enige tijd geleden ooit eens op gereageerd, en ben dat daarna prompt vergeten, aangezien ik toch nooit iets win. Maar dat liep deze keer toch anders. De Post bracht me op 12 januari een pakje, met dit boekje erin, en een begeleidend briefje.

Gefeliciteerd, zegt De Bezige Bij, U bent 1 van de 5 winnaars van een gesigneerd exemplaar van :
Dagboek van een poes
Remco Campert.

Vijf werden er uitgeloot, en ik heb er toch wel eentje van, hehe! Gesigneerd dan nog. Bedankt, Bezige Bij, en bedankt ook Remco!

maandag 26 november 2007

Gestorven poes

Ik heb mijn papieren dagboek dat ik bijhoud op zolder even naar beneden gebracht: het is er op dit ogenblik te koud om stil te zitten, ik werk liever hier, aan de computer, in stilte, iets wat mijn jeugdige nazaat met onbegrip vaststelt als hij erbij is: je hebt toch lawaai nodig om je te herinneren dat je leeft?

Nee dus, mijn hersenen zijn nog op de goede oude manier gemaakt, zei ooit een oude pater, die ik dankbaar ben voor die gedachte: toen we 16 waren en bij elke gelegenheid "een plaat" moesten draaien dan wel het aangepaste want meest luidruchtige radioprogramma moesten uit de ether plukken, antwoordde hij op die wijze: mijn hersenen functioneren nog zonder transistors, en ze verslijten dus minder vlug.

Een goede woordspeling, en een correcte benadering. Dan mogen de transistors op hun beurt door geïntegreerde schakelingen, zeg maar chips vervangen zijn, de basisidee blijft krachtig overeind: houd je bezig met waar je mee bezig bent, en leef niet met het idee dat je meerdere dingen tegelijkertijd kunt uitvoeren: geen van alle zijn goed genoeg om in een winkel te leggen. Slechts een paar mensen hebben die gave, en dan nog zouden ze beter hun activiteiten ontbinden tot de eenheid.


Zo lees ik, geschreven op zaterdag 6 oktober 2007, om 15h30

Wat te denken van een Liber Amicorum van Fernand Toussaint van Boelare, of een gedenkboek van een paar kilo van Le Cardinal Mercier, uitgegeven na zijn overlijden in 1926, en nog niet eens overal opengesneden? Dat zijn dingen die ik liever niet op de boekenkast in de huiskamer achterlaat. Eén of andere onverlaat die dat oude ding in handen krijgt, en er wat onvoorzichtig mee omspringt, zou door mij op Streuveliaanse wijze de mantel kunnen uitgeveegd worden, en dat blijft uiteraard de bedoeling niet.

Nee, mijn boekenkast is dus geen uitstalraam waar ik trots mijn paradepaardjes tentoonstel. Ik houd van boeken, dat is waar, maar een dierentuin van 19de eeuwse allure... , dat wil ik niet met boeken nabouwen."

Rond 16h diezelfde dag schreef ik het volgende:

Hieronder volgt een proeve van hoe ik eigenlijk een boekdagboek wil voeren: geen literaire verhandeling over de verschillende waarden van het besproken boek, maar een eigenzinnige benadering, een louter persoonlijke impressie die het boek zijn eigen warmte laat, zijn eigen karakter, en die het daardoor helemaal laat leven, ook al lees ik het misschien nooit volledig, ook al raak ik het nooit meer aan.

Ria Scarphout. Potdommetje. Pantheonreeks: 3, ISBN 906406 105 X gebonden.
Depot: D/1987/4935/9 - Uitgever : De Koofschep v.z.w.

Klein formaat (20.7 X 13.5 cm) slechts 31 bladzijden. Een weemoedige herinnering van de schrijfster aan haar geliefde huiskatje, gestorven op 13-10-1972. Met nostalgie en milde woordspelingen geschreven, als aandenken aan de lieve huisvriend van het kinderloze paar.

Het boekje is in uitstekende staat. Mooi is dat de schrijfster vooraan een opdracht geschreven heeft :

Voor Bertien Buyl "Liefde is glimlachen met tranen in de ogen." (Jan berghmans) (get) Ria Scarphout, 22-08-'87.

Ook achteraan is het boekje door de auteur getekend. De tekst eindigt met -Ria Scarphout (geschreven in mijn "Domeindreef". En daaronder, wiskundig juist geplaatst, heeft zij getekend. In potlood, hetgeen voor mij een bewijs is dat ze wist hoe een boek moest gesigneerd worden: op de lekker ouderwetse wijze.

Maar. Dit individuele exemplaartje heeft een geschiedenis. Op blz 12 zag ik plotseling een verbetering staan. Iemand had aangegeven dat de zin: "Traag kijkt Poes in de lange, donkere gang." moest gewijzigd worden in: "Traag kijkt moederpoes in de lange, donkere gang."

De eerste reactie in mij was: wel wel! Mevrouw Bertien Buyl zet de literatuur naar haar hand. Wie ben ik om daar wat op tegen te hebben, evengoed meen ik dat als het niet om een eclatante taalfout gaat, je dergelijke verbeteringen best achterwege laat.

Op blz 15 was het opnieuw prijs: "het beitelen der letters" werd "het beitelen van de letters". Zo zijn er nog enige verbeteringen te bespeuren op verschillende plaatsen. Wat stelt dat voor? Maar plots kwam er inzicht, toen ik bemerkte dat Ria Scarphout met dezelfde potlood waarmee ze de opdracht vooraan en de ondertekening achteraan gedaan had, ook deze verbeteringen aangebracht had.

Dit boekje, met andere woorden, is een correctie-exemplaar, althans, zo lijkt het. Alleen kon ik de vraag niet beantwoorden waarom deze correcties gebeurden in een gesigneerd exemplaar. Was dit slechts een poging om bij het inkijken van het aan haar toegezonden eerste exemplaar het boekje een "echt" uiterlijk te geven door het aanbrengen van een opdracht? Het gebruikte potlood wijst daarop, en het handschrift van de opdracht en de correctie op blz 12 is beslist gelijk.

Of heeft zij het boekje van Bertien Buyl, die misschien een vriendin, of misschien zelfs haar eigen moeder kan of kon zijn, op één of andere wijze terug in handen gekregen, en voor correctiedoeleinden gebruikt?

De vijftig cent die ik ervoor betaald heb in een kringloopwinkel te Oudenaarde zijn welbesteed. Ik heb geen literatuur, maar een klein stukje literatuurgeschiedenis gekocht, denk ik.

Eén en ander moet ik nog verder uitzoeken, maar zeker is: dit is het verhaal over een gestorven poes, maar het is een levend boekje.

Ondertussen, met dank aan de Tante Google. Bertien Buyl is dus naar alle waarschijnlijkheid een vriendin van de auteur. Via een kleine en eenvoudige zoekactie kun je bijvoorbeeld de website www.literair.gent.be terugvinden, en zo kan ik dan ook de historiek van het boekje terug samenstellen.

Ria Scarphout heeft waarschijnlijk dit boekje aan haar generatiegenote Bertien Buyl gegeven of verkocht, het gesigneerd, en misschien hebben beide literaire dames tesamen het werk van de nochtans strenge lerares dictie en voordrachtkunst Ria nagekeken en taalkundig bekritiseerd. Hetgeen zo dan ook gebeurd kan zijn, want het is toch duidelijk de hand van de auteur zelf die de correcties aangetekend heeft. Een andere mogelijkheid is dat dit een presentexemplaartje voor Bertien was, (verjaarde op 10 augustus, geboren 1927, dus voor haar 60ste verjaardag?) dat door omstandigheden nooit terechtgekomen is. Dus toch wel een stukje literaire geschiedenis. Blijft me natuurlijk nog de hamvraag hoe dit stukje geschiedenis in de kringloopwinkel terecht gekomen is?