Pagina's

ALS JE DE DUIVEL WILT BESTRIJDEN, MOET JE ZIJN BOEKEN LEZEN

danny.bloemenhof@gmail.com

woensdag 16 september 2009

De mannen van twater

Tussen vaat, eten, meegebracht thuiswerk en andere dagdagelijkse beslommeringen die een woensdag dikwijls kleur geven, moet ik helaas een lek in de waterleiding noteren. De tuin lag gedurende het weekend als een modderplas langsheen de straat te pronken, en gisteren is men het lek komen dichten. Gelukkig hebben we de put, die gegraven is aan de wortels van mijn geliefde Japanse kerselaar opengelaten, want vanmorgen stond die put weer netjes onder water. Probleem verschoven, als het ware. Seffens komen ze nog eens kijken, maar de eigenlijke oplossing is een volle dag werk: het vervangen van de leiding vanaf de distributie tot aan de teller in de kelder. En daar zal één en ander bij komen kijken dat meer dat "eventjes komen kijken" mag genoemd worden.

Gelukkig was de postbode niet lek, en hij liet me twee aankopen op Ebay achter, waar ik zielsgelukkig mee ben. Ik zal me nu in afwachting van de bel beperken tot een korte beschrijving, later kom ik er hopelijk meer uitgebreid op terug.

Een Limburgensium waar ik bijzonder trots op ben is het boek Groote Mannen van Limburg, van H.C. Melis, uitgegeven bij L. Opdebeek te Antwerpen in 1928. Het boekje is aan een lichte restauratie toe, maar binnenin is alles pico bello. Als de lectuur ervan dan ook bol staat van het paternalisme van die jaren, het blijft een tijdsdocument, waarin op "voortreffelijke wijze" aan schoolmeesters een kleine handleiding wordt gegeven om hunne leerlingen meer informatie te geven over deze grote mannen (Limburg heeft in dei tijd nog geen grote vrouwen opgeleverd, maar daar zal later wel een mouw aan gepast worden) die elk een bladzijde of meer geschreven hebben in de Vaderlandsche Geschiedenis.

Hendrik van Veldeke, Rudolph, Abt van St.-Truiden (zonder koppelteken!), Willem van Ryckel, Radulphus de Rivo, Dionysius de Karthuizer, Frans Titelmans, Jan Frederickx van Lummen, Cornelius à Lapide, Govaert Wendelen, Joannes Mantelius, Pieter Geuns, G. Jos. Ev. Ramoux, Eg. Godfried Guffens, Jan-Joseph Thonissen, en Dr. Louis Willems passeren achtereenvolgens de revue. Zelfs de bibliographie is op zich reeds een belevenis.

Vergeef me maar dat ik inwendig op wolken loop. Gelukkig kun je dat via deze blog niet zien.

Het andere boekje is al even boeiend. Het meet slechts 9 op 14 centimeter, en is even mooi geconserveerd, hoewel de ouderdom ervan beduidend hoger is dan het voorgaande. La Religion, Poème par Louis Racine werd in 1849 uitgegeven bij L. Lefort, Imprimeur-Libraire, à la rue Esquermoise, 55 Lille. Nooit heb ik in druk een kleiner lettertype voorgeschoteld gekregen dan er hierin opgenomen is. Hadden de mensen destijds zulke goede ogen, of waren de vergrootglazen toen zoveel beter dan nu? Ik weet het niet, maar daar zijn tegenwoordig wel oplossingen voor te vinden.

Wat vooral mooi is, is de handgeschreven tekst op de binnenkant van de hardcover. Voulez-vous savoir mon nom regardez dans ce petit rond; Voulez-vous savoir ma demeure, regardez dans ce petit coeur. En daaronder inderdaad een getekend hartje, waarin staat Lebbeke 1852, en een cirkeltje , waarin guitig staat: les curieux sont trompés.

Maar de persoon die deze liefdesgift ontvangen heeft was ongetwijfeld ene De Blieck, zoals op de blancobladzijde daarnaast staat. Verder nog zeer onduidelijk in potlood dat de tijd niet weerstaan heeft, enige verdere persoonsgegevens, vermoedelijk veel later aangebracht.

De bel. De mannen van twater zijn daar.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten