Air Classique

ALS JE DE DUIVEL WILT BESTRIJDEN, MOET JE ZIJN BOEKEN LEZEN
andebijk@gmail.com




zaterdag 1 augustus 2009

Nationale Bibliotheek De Ooievaar

Ik heb ze vandaag persoonlijk afgehaald, alsof het een schat betreft: de drie jaargangen 1946-1947-1948 van de Nationale Bibliotheek De Ooievaar, geschreven door Rob. De Graeve, Inspecteur L.O. De vriendelijke verkoper heeft ze me overhandigd aan de deur, en we hebben nog een gezellig praatje over deze boekjes gedaan. Ze blijken van een dame afkomstig te zijn, die ze al die jaren zorgzaam bewaard heeft. Helaas ontbreken er vier nummers, en dat vind ik niet eens erg, dat kan ik later nog altijd goedmaken. Een toemaatje van formaat vind ik het extra nummer, buiten reeks, dat allerhande informatie verschaft over de boekjes van de reeks, en een korte inhoud van de twintig eerste nummers.

Zoals gegeweten, Rob De Graeve heeft de eerste drie jaargangen integraal voor zijn rekening genomen, de vierde reeks had moeten geschreven worden door Prof. vander Linden. Dit laatste is klaarblijkelijk niet gebeurd, en zo de professor dit toch zou gedaan hebben, is zijn werk mogelijk niet gepubliceerd, of heeft hij dit (misschien onder een andere naam) ergens anders uitgegeven. Zijn naam en de volledige reeks staan wel vermeld op de achterkant van de derde reeks boekjes, maar sporen van het fysieke werk zijn er nog niet. En er blijkt in het begin van de uitgave nog al wat verwarring bestaan te hebben over de volgorde van verschijning. Noch de titels, noch de naam van de professor doen echter een belletje rinkelen bij tante Google.

Hier alvast de volgorde zoals ze in realiteit uitgegeven zijn.

1946-1: De oude Viking en zijn Zoon
-2: Willy Stormvogel en zijn club
-3: Het Sprookje der goede Koningin (ontbreekt)
-4: Artevelde, dat was een Man
-5: Wij de Vlaamse Gentlemen I
-6: Het geheim van de oude Toren (ontbreekt)
-7: Een Kerel met de Daad
-8: Wij de Vlaamse gentlemen II
-9: Godfried de Kruisridder
-10: Vrouw Nielsen en haar zeven Zorgen

1947-1: De schone Legende van Edelvrouwe Rosamonde
-2: Het drama der woelige Zee
-3: De Zoeker naar het zwarte Goud
-4: Het Meisje met de blonde Haren
-5: Damiaan, de Held zonder zwaard (ontbreekt)
-6: Het Oude Roelandslied
-7: Drie Jongens op Avontuur
-8: Toen Marieken van Nijmegen het Klooster verliet
-9: Rubens, de koning der glanzende Kleuren
-10: En dit is een Kerstverhaal

1948-1: Voetsporen in de sneeuw
-2: Marleentje van het Molenhof
-3: Dr Notenkraker en zijn Orkest
-4: Jawel, er zijn nog Kabouters
-5: De Zoon van de Bezembinder
-6: Helden van het IJzerslijk (ontbreekt)
-7: De gebroken Spiegel
-8: Onder de Zonnegloed van Congoland
-9: De verzegelde Deur
-10: Als de Winter komt.

Als wij de volgorde bekijken op de binnenkant van het voorblad van het eerste nummer, blijken de Vlaamse gentlemen op de plaatsen 2 en 3 te komen, Willy Stormvogel op 4, Artevelde op 5, de oude toren op 6, de kerel op 7, de goede koningin op 8; Godfried op 9 en vrouw Nielsen op 10. Was Rob De Graeve niet tijdig klaar met de Vlaamse gentlemen? Of zijn er andere redenen geweest voor die ommezwaai? Alleszins lijkt het slordig iets aan te kondigen en dat later te veranderen, maar ik denk niet dat daar veel lezertjes over gevallen zijn. (noot 02/08/2009: er zijn zeer zware andere redenen geweest, heb ik ondertussen uitgevlooid)

In 1946 kon men de boekjes vanaf de leeftijd van 12 jaar kopen bij hun meester(es) tegen 6 fr. per nummer, of 55 fr. voor de heele jaarreeks. Niet-schoolgaanden "wenden zich voor losse nummers, tot den Boekhandel of, voor een abonnement, rechtsreeks tot het Beheer van de Nationale Bibliotheek De Ooievaar in de Montereystraat 1b te Gent." Ouders en schoolhoofden werden aangespoord hun kinderen van af 12 in te schrijven bij de Nationale Bibliotheek De Ooievaar. Beheer en Redactie zaten inderdaad bij het Uitgeversbedrijf FIAT, waarvan ik de naam niet meer kan verklaren. Reeds bij de uitgave van Willy Stormvogel (wel degelijk nummer twee) is de definitieve volgorde vastgelegd. Op de boekjes staat echter de prijs niet vermeld, dat gebeurt pas vanaf het nummer vier van de tweede reeks. Daar staat boven rechts vermeld Fr. 6,-. Vanaf het nummer vijf staat die aanduiding in de linkerbenedenhoek. Enige nummers verder staat er vermeld dat de losse nummers 6 frank kosten, met abonnement is dat 5 frank.

Een interessant gegeven is het bestaan van de zogenaamde liseuse. Daar is een mooie geschiedenis aan verbonden. Ik citeer letterlijk van de mededelingen van de directie op de achterkant van de voorpagina:

Een huisvader - vooraanstaand nijveraar - sprak ons over: "wat mijn kinderen allemaal lezen"
Hij is zodanig ingenomen met de OOIEVAAR-boekjes, dat hij, om ze netjes te bewaren, duizend "liseusen" wil fabriceren in similileder... en ze schenken aan evenveel nieuwe abonnementen.
Wij hebben gevraagd en verkregen, dat de helft daarvan zou toegekend worden aan 500 bestaande klienten, aan de 500 eersten onder U, die ons een nieuw klient aanbrengen op de 3 reeksen (150 fr.) of een koper van vijfmaal 5 bundels (27,50 fr. X 5) speciale jongens- of meisjesboeken : zie "nieuwigheid" in nr 3 van deze reeks.
U zelf en uw klient, ontvangt dan ieder een "liseuse" ter waarde van 25 fr.; U ontvangt daarenboven nog - als propagandist - het driekleurig Ooievaar-kenteken (waarde 10 fr.), een speld voor de jongens en een broche voor de meisjes.
( ... )
Wij danken hier openlijk de milde schenker, die onbekend wil blijven... en indien er nog zulke goedhartige mensen bestaan, die iets willen doen voor de Belgische jeugd... dan heten wij ze welkom als erelid van onze Ooievaar-Club !

Ook op vlak van marketing waren de uitgevers niet vies van enige extra uitleg. Zo wordt er gewezen op scholen waar nog steeds slechts één abonnement lopende was. Of op het feit dat de jongere leerlingen, die nog niet "rijp" waren voor de aangeboden lectuur toen ze voor het eerst verscheen, nu toch ook netjes een abonnement konden nemen, of dat de oude uitgaven per 5 in één album verschenen? of dat de 10 verhalen van reeks drie mooi gebonden te koop aangeboden werden?

Uit het referendum dat hieromtrend gehouden werd, is besloten om na de dertig boekjes voorlopig geen nieuwe reeksen meer uit te geven. Er werd besloten dat 30 titels nog enige jaren mee konden draaien in een circuit, dat hierboven uitgelegd wordt. Tevens bestaat de bijna unamieme wens de 30 boekjes te laten herdrukken, om de verkoopprijs op 5 frank te brengen. Hieruit kan ik niet opmaken of de boekjes van Prof. vander Linden, betreffende de sagen en legenden (ondermeer Het boek van Thot; Odusseus, De zieke Prins...) dan zoals voorzien wel uitgegeven zijn. Ik vermoed van niet. (noot 02/08/2009: zie noot hierboven)

Tijdens de treinreis van Leuven naar Oudenaarde heb ik het verhaal van de oude Viking en zijn Zoon half uitgelezen. Als je enige moeite doet, de doelgroep van zestig jaar geleden in acht neemt en de tijdgeest laat meespelen, is dat aangename lectuur: spannend en leerzaam. Ik, die zelf in de jaren zestig geabonneerd was op de Vlaamse Filmpjes,
begrijp daaruit dat er toch wel van enig succes sprake was. De vraag rijst dan ook waarom en wanneer de reeks uiteindelijk stopgezet is. Het opzet van bij de aanvang moet alvast groter geweest zijn dan de 30 titels van Rob. De Graeve die ik opgesomd heb. Ook de 10 van Prof. vander Linden moeten in achtgenomen worden. Dan blijkt dat Rob. De Graeve eigenlijk de supervisie over de reeks deed. Dus moet er ergens een knoop in de kabel gelegd zijn, waarover de reeks uiteindelijk gesneuveld is. (noot 02/08/2009: inderdaad, zie bovenstaande noot). Weer wat op te zoeken.

Ook het extra-nummer, met de beschrijvingen van de eerste twintig titels moet ik nog bekijken, om er wat zinnigs over te kunnen zeggen.

Deze tekst, bewerkt en aangevuld zal ik bij mijn documentatie over Rob. De Graeve steken. Het is slechts zijdelingse informatie, maar zij geeft toch de geest en het tijdbeeld weer waarin deze auteur zijn werk verricht heeft. En ik weet ook weer wat te doen...

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen