Pagina's

ALS JE DE DUIVEL WILT BESTRIJDEN, MOET JE ZIJN BOEKEN LEZEN

danny.bloemenhof@gmail.com

zondag 7 maart 2010

Het werk van den Koning

Verbazend hoe kort het geheugen toch kan zijn. In dezelfde aankoop, waarbij ik het bewuste exemplaar van de Snoeks Almanak verwierf, en waarin het mooie artikel betreffende The man for all seasons stond, stak ook het boekje dat in zijn eenvoudige schoonheid zijn leeftijd overstijgt. Met zijn 86 jaar ziet het er nog zeer mooi en wel geconserveerd uit. Het betreft een uitgave van het Davidsfonds uit 1924, en is een vertaling uit het Engels door L. J. Verstraeten van het werk van Robert Hugh Benson, genaamd : Het werk van den Koning, deel I ’s Konings wil.

Zoals zo dikwijls zijn de delen door de tijd en de moeilijke reis van de veilige biblotheek waarin ze verbleven naar de tweedehandswinkel, gescheiden. Deel 2 is niet tot bij mij geraakt. En dat spijt me in dit geval erg, want het boek handelt over de historisch zéér moeilijke periode van de regering van Hendrik VIII, vanaf zijn kroning tot aan de terechtstelling van Thomas More.

De inleiding is geschreven door een naamloos redacteur van het Davidsfons, en die persoon wist wel degelijk hoe de geschiedenis in mekaar zat. Hij verdiende aldus toch wel met de naam vermeld te worden onder zijn bijdrage, maar kreeg die eer niet – of weigerde hem.

Robert Hugh Benson, zoon van den protestantschen aartsbisschop White Benson, was een geestelijke der Anglikaanse kerk, zo begint deze inleiding, en is van een niveau dat het interessante en wetenswaardige artikel van Joan Erskine overtreft. Hetgeen niet betekent dat ik de zaken niet in hun juiste perspectief kan plaatsen: in de almanak zou een uitgebreide geschiedkundige verhandeling niet op zijn plaats geweest zijn, zodat de badinerende benadering door de journaliste alles in zijn juiste context geplaatst heeft.

Volledig terecht wordt in deze uitgave aan de lezers de kans geboden op een indringende wijze kennis te maken met de historische personages en gebeurtenissen die de rechtstreekse en onrechtstreekse oorzaken zijn van de beslissing van Hendrik VIII om uiteindelijk de Paus aan de kant te schuiven en zijn eigen weg te gaan, en van de dramatische gebeurtenissen die daar het rechtstreekse gevolg van waren voor de positie van Engeland zowel bij interne aangelegenheden als op het internationale politieke toneel.

Het boek, hoewel het een vulgariserende roman is, is bedoeld als een ontspannend werk met een historische grondslag, bestemd voor een toch iet of wat gevormd publiek. Het beantwoordt in zijn tweeledigheid daardoor rechtstreeks aan de volksverheffende doelstellingen die het Davidsfonds zich bij de stichting voorgenomen had: een zestien of zeventien bladzijden lange wetenschappelijke inleiding, en daarna een vlot geschreven volkse roman, die de wandelwegen van de personages fictief laat herspelen, maar de historische feiten toch nauwgezet respecteert.

Nog op diezelfde, eerste bladzijde leren wij dat de auteur zelf de omgekeerde weg gevolgd heeft, en als Anglikaans priester is gaan nadenken over het onmogelijke van de stelling dat de Kerk van Engeland als enige het ware geloof vertegenwoordigt, en zich boven de Moederkerk stelde. Hij kwam tot de slotsom dat het gewoon niet mogelijk was, en sloot zich op 7 september 1903 aan bij de Roomsch-Katholieke Kerk. Twee jaar later werd hij katholiek priester, en werd later benoemd tot prelaat van het huis zijner Heiligheid. Als auteur schreef hij hoofdzakelijk geschiedkundige romans uit de wordingstijd van het Anglicanisme in zijn vaderland, waarvan dit werk, A Kings Achievements, waarschijnlijk zijn belangrijkste is.

In zijn gewetensvraag sloot hij zich dus rechtstreeks aan bij de klasse van de opposanten van de R.K.-Kerk in de jaren 1500. Hij vocht de bestaande orde aan, en nam het besluit eruit te trekken. Vroeger verliet men de R.K.-Kerk voor Lutheraanse of andere ketterijen, hijzelf deed in tegenovergestelde richting net hetzelfde. Maar dat bracht hem naadloos bij zijn verregaande interesse voor de wortels van de Engelse Staatskerk, en de vraag naar het hoe en waarom van de onherroepelijke gebeurtenissen, die de Europese godsdienstorganisatie en -beleving grondig door mekaar schudde.

Wat Luther en anderen deden op het vasteland, werd door Hendrik VIII gedaan op het eiland.  Maar niemand zal dit kunnen stellen zonder ook het verschil in morele achtergrond van de actoren te moeten benadrukken.

Daar waar ik van plan was het artikel van Joan Erskine als basis te nemen voor een uitgebreider artikel over deze gebeurtenissen, met Thomas More als mikpunt, heeft de ontdekking van deze literatuur mijn plannen omgegooid. Ik ben begonnen aan een synthese van beide, te weten het artikel in Snoeks, en de inleiding in het boek uit 1924. Maar een publicatie op deze blog hoort niet tot de mogelijkheden: het eindresultaat zou te lang zijn, en het aspect literatuur te klein in verhouding met het historisch element, om hier nog een plaats te krijgen.

De oplossing ligt dus in mijn vers aangemaakte website, die nog niet op het web staat. Daar ga ik het volledige artikel publiceren. Wanneer dat zal zijn, is een andere vraag. Ik moet nog werken aan de doelstellingen, de vorm, de inhoud en de toegankelijkheid van de website, en het artikel staat nog maar in zijn kinderschoenen.

Het is opgevat als een gedeeltelijke synthese van beide artikels, maar het is ook een persoonlijke impressie, waarbij ik gemakkelijkheidshalve voorbij ga aan wetenschappelijke correctheid en onderbouwdheid. Het blijft een persoonlijk document, dat niet veel meer dan dat als pretenties heeft. Het spreekt vanzelf dat er tientallen, honderden beter gedocumenteerde en gefundeerde werken bestaan die dit onderwerp belicht hebben. Natuurlijk zal ik niet opzettelijk gaan liegen in het opmaken van de tekst, evenmin heb ik de wetenschappelijke vorming om aan historisch onderzoek te doen. Dat zou in belangrijke mate een overschatting van mezelf zijn, en de doelstellingen van mijn vrijblijvende blog en website ver overschrijden.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten